Column

Titel: Wet tegen growshops

Geschreven door: André Beckers

In augustus 2009 bracht de Korpschef van de politie Midden- en West-Brabant in de media naar buiten, dat wat hem betreft het roer radicaal om moet. Als “portefeuillehouder hennep” is hij van mening, dat wietbazen als grote criminelen moeten worden beschouwd. “Veertig procent van ons opsporingsapparaat wordt ingezet tegen de hennepcriminaliteit…“
In de Memorie van Toelichting worden “growshops” omschreven als “verkooppunten waar men alle benodigde voorwerpen kan verkrijgen om het kweken en oogsten van cannabisplanten mogelijk te maken en te verbeteren”. Growshops worden gezien als de aanjager van de grootschalige en bedrijfsmatige cannabisteelt. Zo beperken growshops zich volgens de minister van justitie zeker niet tot het verkopen van producten die verkrijgbaar zijn bij de reguliere tuincentra. Het gaat bijvoorbeeld ook om handelingen als het verstrekken van hennepstekken, het financieren en volledig installeren van een professionele hennepplantage en het afnemen van de oogst (wiet).
Noodzakelijk?
Als deze beschrijving op juistheid berust, is geen enkele wetswijziging noodzakelijk. Het verkopen en/of afleveren van hennepstekken is in de Opiumwet al strafbaar gesteld. Datzelfde geldt voor de overige handelingen. Als je als growshophouder voor je klant een binnentuin gebruiksklaar oplevert en vervolgens adviezen verstrekt, gaat je dienstverlening in strafrechtelijk opzicht te ver. Daartegen kan met de huidige strafrechtelijke middelen al worden opgetreden. Hoe? Als een growshophouder met een hennepkweker bewust en nauw gaat samenwerken bij het telen van wiet kan strafbaarheid worden aangenomen. Voor je het weet is dan sprake van medeplegen. De rol van de growshophouder is zo’n geval gelijk aan die van de wietteler. Is de growshophouder te ruimhartig met het verstrekken van noodzakelijke informatie, dan kan al vrij snel medeplichtigheid worden aangenomen. De growshophouder wordt dan als de hulp van de wietteler aangemerkt. Kortom, de huidige wet biedt voldoende mogelijkheden om op treden in de situaties die de minister in zijn wetsvoorstel beschrijft. Waarom dan toch een uitbreiding van de wet? In de praktijk boeken politie en justitie in de ogen van de politiek kennelijk te weinig succes. Dan is de bekende Hollandse remedie om de wet dan maar uit te breiden. Als je de strafrechtelijke aanpak door ruimere strafbepalingen makkelijker maakt, moet er bij de opsporing eerder succes zijn te behalen is dan de verwachting. Of dat waar is, blijft natuurlijk de vraag!
Ruim
Met de voorgenomen wetswijziging wil de minister alle handelingen die de hennepteelt kunnen faciliteren en vergemakkelijken verbieden. Dat klinkt wel heel erg ruim. Zou de growshophouder die een kweeksetje verkoopt aan een hobbyteler – waarmee deze laatste maximal 5 hennepplanten kan telen – voortaan strafbaar zijn? Dat zou wel heel vreemd zijn, want dan wordt tegen de verkoper van de kweekapparatuur wel opgetreden, maar niet tegen de hobbykweker zelf niet. De teelt van 5 planten voor eigen gebruik wordt immers strafrechtelijk ongemoeid gelaten. Laten we de tekst van het wetsvoorstel er maar eens goed op nalezen. Door de wetswijziging zal degene: “die substanties, voorwerpen of gegevens bereidt, bewerkt, verwerkt, te koop aanbiedt, verkoopt, aflevert, verstrekt, vervaardigt of voorhanden heeft, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van een van de in de in artikel 11, derde tot en met vijfde lid, strafbaar gestelde feiten” voortaan strafbaar zijn.
In dit laatste deel lezen we een belangrijke beperking van de voorgenomen strafbaarstelling. Kort gezegd is deze namelijk beperkt tot de situatie dat de growshophouder zaken doet met kwekers die:
  • handelen in het kader van de uitoefening van een beroep of bedrijf;
  • wiet importeren of exporteren;
  • handelen in hoeveelheden wiet groter dan 500 gram of meer telen dan 200 hennepplanten.
Voor de growshophouder die uitsluitend zaken doet met klanten die zich niet beroepsmatig bezighouden met uitsluitend kleinschalige hennepteelt verandert er dus niets. Verkoop van spullen aan de hobbykweker die een beperkt aantal plantjes kweekt, wordt niet strafbaar gesteld. Het wetsvoorstel wil de grootschalige hennepteelt nog verder tegengaan.
Risico
De growshophouder die na inwerkingtreding van dit wetsvoorstel zaken doet met grote klanten loopt in strafrechtelijk opzicht risico. Hij moet zich dan gaan afvragen wanneer hij ‘ernstige reden heeft om te vermoeden’ dat hij (om maar een voorbeeld te noemen) kweekapparatuur verkoopt aan een wietkweker die grootschalig teelt of zich bezig houdt met export van wiet. Bij een typische growshop kan vrij eenvoudig worden gesteld dat de daar aangeboden producten geheel in het teken staan van de hennepteelt. Het assortiment is dan volledig en uitsluitend afgestemd op de hennepteelt. Gelet op dit verband tussen de producten en de hennepteelt is dan ook snel sprake van een ernstige reden om te vermoeden dat de betreffende handeling de grootschalige illegale hennepteelt voorbereidt of vergemakkelijkt. Als je als growshophouder aan een klant een groot aantal kweekapparaten aflevert of dat dezelfde persoon dan wel groep personen steeds opnieuw kweekspullen komen afnemen, moet je als growshophouder volgens de minister op je klompen aanvoelen dat je strafbaar bezig bent.

Bezoek ons

Paardestraat 29
6131 HA Sittard
Limburg - Nederland

Contact opnemen

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Tel: +31 (0)46 760 0030
Fax: +31 (0)46 760 0039

Openingstijden

Ma – Vr 09.00 – 17.00 uur
Zaterdag en zondag gesloten
Alle rechten voorbehouden © 2018, Beckers & Bergmans Advocaten
Website beheer en onderhoud LinQxx - Beter online gevonden worden